WAAR KUN JE OP LETTEN?

Als professional kom je bij veel klanten thuis. Het is goed om te checken of zij rookmelders in huis hebben. Zo niet, kun je hen daar goed op wijzen. In bestaande woningen zijn ze over niet al te lange tijd verplicht en ze redden natuurlijk ook gewoon levens. Hoe sneller je een brand ontdekt, hoe meer tijd en kans je hebt om veilig het huis te verlaten. Waar je op moet letten bij het kiezen van een rookmelder en welke wettelijke maatregelen er volgens FireAngel Safety Technology zijn, lees je in dit artikel.

De meeste slachtoffers bij brand vallen door het inademen van rook die giftige gassen bevat. Het is daarom van groot belang dat je op tijd gewaarschuwd wordt dat er brand is in huis. Vooral ’s nachts kan het erg gevaarlijk zijn. Als je slaapt, ruik je niets. Alleen je gehoor werkt nog. Een rookmelder maakt een hard geluid en dat kan je leven redden. Let op, een woning wordt niet brandveilig dankzij een rookmelder, maar het is wel een manier om op tijd gewaarschuwd te worden!

Verplicht in nieuwbouw en straks in bestaande bouw

Op dit moment is het in de nieuwbouw al verplicht om rookmelders te plaatsen. Op iedere verdieping waar gewoond wordt, inclusief de begane grond, moet er één aanwezig zijn. Op basis van het Bouwbesluit 2012 betekent dit voor nieuwbouw: een rookmelder aangesloten op netspanning en voorzien van een back-up batterij, waarbij 65 dB in de verbindingsruimte en 75 dB in de verblijfsruimtes gehaald moet worden. Per 1 juli 2022 zal het in de bestaande bouw ook verplicht gesteld worden dat op iedere verdieping een werkende rookmelder hangt. In tegenstelling tot nieuwbouw worden hier geen eisen gesteld aan de projectering en doorkoppeling van rookmelders. Bovendien volstaan rookmelders op batterijen in een bestaande woning.

Waar moet de rookmelder aan voldoen?

Een rookmelder moet een CE-markering hebben op basis van de productnorm EN 14604. Ook moet deze gecertificeerd zijn door een geaccrediteerd instituut. Het Europese keurmerk EN 14604 houdt in dat een rookmelder voldoet aan de noodzakelijke kwaliteitseisen. Denk aan de productinformatie, het onderhoud, de duurzaamheid en de milieuaspecten.

Soorten rookmelders

Er bestaan verschillende soorten rookmelders. Het grootste onderscheid kun je maken tussen de optische rookmelders en de thermische rookmelders. We leggen de verschillen uit. Een optische rookmelder werkt op basis van infrarood. In de rookmelder zit een lichtgevoelige cel en deze vangt de infrarode lichtbundel op. Als de lichtbundel wordt verstoord, door bijvoorbeeld rook, gaat de rook- melder piepen. Een optische rookmelder gaat dus ook af als je in de keuken iets laat aanbranden. Kies voor de keuken dus een thermische rookmelder.

Een thermische rookmelder (hittemelder) werkt namelijk op basis van temperatuur. Stijgt de temperatuur snel of is deze heel hoog dan piept de rookmelder. Gevaarlijk bij een thermische rookmelder is dat deze niet afgaat bij rook. En laat dat nou juist een hele gevaarlijke factor zijn bij brand. Er bestaan ook koolmonoxidemelders. Deze meten de hoeveelheid koolmonoxide in de lucht. Dat is belangrijk, want een koolmonoxidevergiftiging is heel gevaarlijk. Er zijn ook combimelders; een koolmonoxide- en rookmelder in één.

Belangrijk: onderhoud en testen

Onderhoud aan rookmelders is heel belangrijk om er zeker van te zijn dat ze nog goed functioneren. Een optische rookmelder gaat bijvoorbeeld ook af als er te veel stof bij de lichtbron komt. Adviseer je klanten dus om hem regelmatig stofvrij te maken met de stofzuiger. Test bovendien regelmatig met de testknop of de rookmelder nog werkt. Ook moet je klant de batterij na een jaar meestal verwisselen. Belangrijk om te weten: een rookmelder heeft een levensduur van tien jaar. Daarna moet je het apparaat vervangen!

De beste plek voor melders

Om optimaal gebruik te maken van rookmelders is het van belang dat je deze op de juiste plek ophangt. Adviseer om in ieder geval rookmelders op te hangen in de hal en op de overloop. Vaak is dit de vluchtroute in huis als er brand uitbreekt. Zo wordt het huis van je klant extra veilig en bereid je hen alvast voor op de toekomst als rookmelders verplicht worden in bestaande woningen. De volgende overzichten laten zien wat de beste plek is volgens FireAngel Safety Technology en brandweer.nl

Optische rookmelders

Vlak plafond:
• Minimaal 300 mm van muren
• Minimaal 300 mm van verlichtingsarmaturen
• Zo centraal mogelijk
Vlakke plafonds met draagbalken:
• Op minstens twee keer de diepte van de draagbalk
• Voorbeeld: 150 mm draagbalkdiepte: plaats de melders minimaal 300 mm van de draagbalk
• Als de draagbalkdiepte groter is dan 10% van de plafondhoogte, moet de draagbalk worden beschouwd als een muur
Zadeldak:
Maximaal 600 mm verticaal onder het hoogste punt
Op de muur:
• De bovenkant van het detectie-element bevindt zich op 150 mm tot 300 mm van het plafond
• Minimaal 300 mm van een haakse muur

Hittemelders

Vlak plafond
• Minimaal 300 mm van muren
• Minimaal 300 mm van verlichtingsarmaturen
• Zo centraal mogelijk

Vlakke plafonds met draagbalken
• Minimaal twee keer de diepte van de draagbalk
• Voorbeeld: 150 mm draagbalkdiepte: plaats de melders minimaal 300 mm van de draagbalk
• Als de draagbalkdiepte groter is dan 10% van de plafondhoogte, moet de draagbalk worden beschouwd als een muur

Schuine daken of plafonds
Maximaal 600 mm verticaal onder het hoogste punt

LET OP: hittemelders gebruik je aanvullend en altijd samen met rookmelders. Hittemelders plaats je op locaties waar damp, vocht, vervuiling of rookontwikkeling kan optreden en waarbij een rookmelder ongewenst alarm kan geven. Denk aan keukens, kelder, garages en zolders in gebruik als opslagruimte.

Koolmonoxidemelders

Op het plafond (in kamer met een op brandstof werkend apparaat)
• Minimaal 300 mm van muren
• Minimaal 300 mm van verlichtingsarmaturen
• Op 1 tot 3 meter van het op brandstof werkende apparaat
• Als de kamer in twee is gedeeld, plaats je de melder aan de kant van het apparaat

Op de muur van een slaapkamer (in kamer met een op brandstof werkend apparaat)
• Dichtbij maar minimaal 150 mm van het plafond
• Minimaal 300 mm van een haakse muur
• Op 1 tot 3 meter van het op brandstof werkende apparaat

Op de muur (in kamer zonder een op brandstof werkend apparaat)
• Op ademhalingshoogte (ter hoogte van het bed)
• Op ademhalingshoogte (ter hoogte van de bank)

Combimelder

Op het plafond
Tussen een verbrandingstoestel (meestal de cv-ketel) en de slaapkamers in. Dit is over het algemeen de gang.